Kerkstraat 4
Bouwjaar: 1876
In de kom van Panningen gelegen WOONHUIS, prominent gesitueerd aan een pleintje op de hoek van de Kerkstraat en Schoolstraat. Het pand ligt met de noklijn van het dak evenwijdig aan de Schoolstraat. Het woonhuis werd opgetrokken in Ambachtelijk-traditionele bouwtrant en werd in 1876 gebouwd in opdracht van Johannes Arnoldus Tummers en zijn vrouw Joanna Hendrika Joosten. Dat is meteen ook de verklaring van de inscriptie in de gedenksteen die boven in de tuitgevel van het huis te lezen is: I A T en I H I 1876. De I is Latijn voor een J, waarmee je de initialen krijgt van Tummers en zijn vrouw. Tummers was secretaris van de gemeente Helden van 1864 tot 1899. Tummers zoon Henri werd de volgende eigenaar van het huis. Henri volgde zijn vader trouwens ook op als gemeentesecretaris, en bleef dat tot 1940. Het huis bleef daarna nog een tijdje in de familie. Na Henri Tummers werd de oudste zoon Joseph Tummers (gemeenteontvanger) de eigenaar, en daarna diens weduwe en de twee kinderen. Het huis was generaties lang in eigendom van de in Helden welbekende, en notabele familie Tummers. Zij hebben het verkocht in 1992 aan Fons van der Mullen. Momenteel staat het weer te koop.
De lange, brede hal achter de voordeur heeft nog de originele tegelvloer. In 2001 werd het huis grondig bekeken door een bouwkundige van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg en kende het meteen een beschermde status toe. Dat heeft onder meer tot gevolg dat de eigenaar alleen met toestemming van de Dienst veranderingen mag aanbrengen aan het huis.
De zolder is een ander verhaal. Via een steile trap staat de bezoeker plotseling in de vrieskou tussen oude balken, vlak onder dakpannen waar de wolkenlucht hier en daar doorheen schijnt. Het dak is een van de onderdelen die het huis volgens Monumentenzorg bijzonder maken. Niet alleen vanwege de originele 19e eeuwse oud-Hollandse dakpannen, maar ook vanwege de zogeheten stropoppen (kleine, samengebonden bosjes stro) die onder de pannen gestoken zijn. De stropoppen moeten de kieren tussen de pannen dichten zodat de tocht (en de regen?) buitengehouden wordt. Tussen de dakpannen en de oude balken zitten nog steeds de strobundeltjes uit 1876! Tenminste, wat er nog van over is. Want het stro is op sommige plaatsen al verdwenen, of anders wel flink aan het vergruizen.
Het huis heeft ook aan de buitenkant een aantal interessante details. Kijk bij voorbeeld eens omhoog naar de dakgoot met kroonlijst aan de voorgevel. De goot wordt ondersteund door gestucte klossen, afgewisseld met bloemdecoraties, een motief dat in de tuitgevel wordt voortgezet. Op het balkon boven de deur zit mooi siersmeedwerk. Het balkon wordt ondersteund door decoratieve consoles. Ook mooi is het teruglopende metselwerk rond de entree, en de prachtige voordeur - uiteraard origineel. In 1912 is door de familie Tummers aan de achtergevel van het pand, dus links van de woning aan de Kerkstraat, een tweede huis gebouwd. Het complete blok - het oude pand en de ertegenaan gebouwde woning - zit heel raar in elkaar. Dat komt doordat er eigenlijk n familie gebruik maakte van twee panden, of eigenlijk een pand, maar van buiten twee woningen. Zo waren er bij voorbeeld binnendeuren van de ene woning naar de andere. Die zijn later dichtgemetseld toen het linker pand werd verhuurd aan iemand anders die geen familie was. Ook is de trap van het oudste pand gedeeltelijk ingebouwd in het linkse pand. Het trappenhuis was oorspronkelijk een uitbouw - met een topgeveltje - van het toen nog vrijstaande huis. De kelder ligt ook onder de keuken van de buren. Al met al een rare situatie als men niet op de hoogte is van het verleden van deze woningen. Het linker huis is in de oorlog getroffen toen de Duitsers de kerktoren opbliezen. De torenspits viel daarbij gedeeltelijk op het huis. Voor die tijd had het huis een prachtige voorgevel met torentje boven het trappenhuis, maar dat is na de oorlog slechts heel eenvoudig weer opnieuw gebouwd. In 1992, toen het huis te koop werd aangeboden, waren er kapers op de kust die wilde plannen hadden met het pand. Gelukkig is het toen gekocht door een liefhebber van monumentale gebouwen, iemand die van het gebouw houdt zoals het is. Want het is lang niet altijd gemakkelijk om in een oud huis te wonen, en het is zeker niet goedkoop in het onderhoud.
Oorspronkelijk was het pand vrijgelegen. Door het optrekken van nieuwe, aan de achtergevel grenzende bebouwing (in de kern daterend uit 1912 maar na de oorlog grotendeels herbouwd), is de trappenhuisuitbouw aan de achterzijde thans ingebouwd. Ten behoeve van deze bebouwing werd de topgevel op het trappenhuis afgebroken. Inwendig zijn privaat en kelder gesitueerd in en onder een deel van de bouwmassa van deze belendende bebouwing, waar ze oorspronkelijk deel van uitmaakten. Omschrijving. Het woonhuis beslaat een rechthoekige plattegrond en telt twee bouwlagen plus een zolderverdieping onder een met gesmoorde oud-Hollandse pannen gedekt, licht verzonken zadeldak. Schoorstenen op de nokeinden. Gevelbeëindiging met gecementeerde ezelsruggen en schouderstukken. De symmetrische voorgevel van het met handvorm baksteen in kruisverband gemetselde pand is drie traveeën breed en wordt verticaal geleed door hoeklisenen en lisenen aan weerszijden van de middentravee die onder een bekronende tuitgevel door middel van trapsgewijs oplopend metselwerk met elkaar zijn verbonden. Een hardstenen plint, een muizentandlijst tussen de bouwlagen en een geprofileerde en gekorniste goot op gestucte klossen geleden de gevel horizontaal. De klossen wisselen af met bloemdecoraties, een motief dat in de tuitgevel wordt voortgezet. De middentravee wordt verder verlevendigd door trapsgewijs teruglopend metselwerk rond de entree. Daarboven bevindt zich een balkon, bestaande uit een geprofileerde balkonplaat ondersteund door decoratieve consoles en afgezet met een siersmeedijzeren balustrade voorzien van gecanneleerde hoekstijlen met bekronende schaalmotieven. In de tuitgevel rust het klimmende metselwerk op geprofileerde aanzetstenen en decoratieve consoles, bekroond met een gevelsteen waarin inscriptie "(F)IAT (M)IHI 1876". Entree met beglaasde en met siersmeedwerk betraliede, enkele paneeldeur met pseudo-naald en dubbel frontonmotief. Segmentboogvormige zesruitsvensters met gedeelde bovenlichten op hardstenen lekdorpels, op de eerste bouwlaag voorzien van blinden. Balkondeur gedetailleerd als de vensters. In de tuitgevel een houten rozetvenster. In de twee traveeën brede linker zijgevel ligt het rookkanaal van de schoorsteen deels vrij aan de buitenzijde en vormt een verticale, spiegelsymmetrische as. Het kanaal verjongt zich, is ter plaatse van de versnijdingen gedecoreerd met natuurstenen vormstukken en siermetselwerk en onder de top met en smeedijzeren sieranker. In de kapverdieping twee houten radvensters. Overige detaillering als voornoemd in de voorgevel. Rechter zijgevel met overeenkomende, doch soberdere detaillering. De indeling van het interieur is herkenbaar bewaard gebleven. De vertrekken zijn zowel in de eerste als tweede bouwlaag gesitueerd aan een centrale middengang met een aan de achterzijde, in een uitbouw gesitueerd trappenhuis. In het interieur zijn onder andere van belang: de originele tegelvloer in de gang; (pseudo-)paneeldeuren met geprofileerd lijstwerk; diverse plafonds met lijstwerk en figuratieve voorstellingen in stuc; zwartmarmeren schoorsteenmanteltje met witmarmeren voluten en een schouwboezem voorzien van classicistische stucwerkdecoraties; een gordingenkap met authentieke, thans zeldzaam geworden stropoppen en gebinten die nog deels voorzien zijn van houten toognagels. Waardering. Het woonhuis is van algemeen belang. Het object bezit cultuurhistorische waarden daar het typologisch van belang is als specimen van een notabelenwoning in relatie tot de plaatselijk bekende persoon Jozef Tummers-Keunen. Het object bezit architectuurhistorische waarden vanwege de verzorgde detaillering van de representatieve gevels, waarbij de toepassing van stuc voor de gootklossen en de voortzetting van deze klossen rondom de topgevel architectonische bijzonderheden vormen. Het object bezit ensemblewaarde vanwege de prominente stedenbouwkundige ligging aan een kruispunt van voorname wegen in het oude centrum van Panningen. Het object is van belang vanwege het gaaf bewaard gebleven exterieur en grote delen van het interieur. Het bezit zeldzaamheidswaarde vanwege voornoemde detaillering van de voorgevel en de kapconstructie met nog immer aanwezige stropoppen. 1 2 (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
![]() |
| Oorspr. funktie | Bedrijf en woonhuis |
|---|---|
| Huidige funktie | Woonhuis |
| Architect | |
| Bouwstijl | 19e eeuws traditioneel |
| Bouwjaar | 1876 |
| Gevels, vensters en deuren |
Hardsteen. Baksteen. Metselwerk in kruisverband. |
| Dakvorm, bedekking |
Licht verzonken zadeldak met Hollandse pannen. Dakvensters. Decoratief dakoverstek op decoratieve klossen, doorlopend in de topgevel. |
| Omschrijving |
Markant gesitueerd, zeer goed onderhouden negentiende eeuws pand in lengterichting. Twee bouwlagen onder zadeldak. |
| Bron |
Monumenten Inventarisatie Project Limburg (MIP) |
Laatst bijgewerkt op 4 januari 2026 om 15:34:17

