logo
Bewoningsgeschiedenis Helden
Home
heemkundekring logo

Molenstraat 133

Pand Molenstraat 133

Eind van de 18e eeuw bestaat het gebied "Op den Sandberg" nog uit niet ontginde gronden met voornamelijk heide.
In 1773 koopt schepen ('wethouder") Theodoor Gommans hier een stuk woeste grond van 25 morgen van de hertog van Gelre. De Pruisische overheid stimuleerde het om deze gronden te verkopen, ook zodat de gemeente, de Heerlijckheyt Helden, op die manier schulden af kon lossen van de leningen voor vele oorlogscontributies voor de Zevenjarige Oorlog (1756-1763). Deze leningen waren gedaan bij de inwoners van Helden zelf en door de verkoop-opbrengsten kon de belastingdruk voor de bewoners beperkt worden.

Theodoor Gommans had zich daartoe moeten laten inschrijven in het tijnsboek van de Heer van Helden, waarvoor hij jaarlijks op Sint Andriesdag (30 november) een halve stuiver tijns moest betalen. Hij ontginde de woeste grond tot bouwland en bouwde daarop tevens de boerderij. Dit laatste werd hem verplicht bij de aankoop. Omdat dit nu bouwland was geworden, moest Gommans hiervoor tienden gaan betalen.

                               Landkaart uit begin van de 19e eeuw met links van het midden de kruising Molenstraat-Zandberg ("weg naar Baarlo")

In de jaarankers van de bakstenen woning staat het bouwjaar 1773 vermeld. Het was voor die tijd een behoorlijk huis, want het telde vier vensters en deuren. Het werd het "Nieuw Huijs op den Sandberg" genoemd.
In 1786 is ene Marten Beurskens de pachter van de boerderij.
In 1798 wordt het "Nieuw Huijs" openbaar verkocht aan de hoogste bieder. De nieuwe eigenaar wordt dan Johan Mathias Thoer, die het huis in 1803 weer verkoopt aan Peter Jacobs, alias "Tulmke". Hij was de eerste eigenaar die er zelf ging boeren, alle eerdere eigenaren hebben nooit op de boerderij zelf gewoond, maar verpachtten het geheel. Bovendien hield Tulmke een herberg in het gebouw. In een artikel in de Moennik nummer 32 (bladzijde 14) is nog een verhaal te lezen over een flinke ruzie met Franse ambtenaren die hier toen heeft plaatsgehad.
Peter Jacobs sterft in 1830 en zoon Hendrik neemt dan de boerderij over. Vanaf 1856 woont er daarna Servaas Smolders, welke het in 1871 weer overdraagt op zijn zoon Jan, in de volksmond "d'n Duutsje Janne". Graad Engels heeft in zijn boek "Det dank'tich d'n duvel" een verhaal geschreven over deze Jan en zijn behekste boerderij.
In 1879 heeft er een brand gewoed en heeft het pand flinke brandschade opgelopen. Mogelijk is bij het repareren van het huis toen een tweede verdieping erop gezet.
In 1892 neemt Felix Johannes Bruijnen de boerderij met gronden over. Hij was getrouwd met de enige ochter van Jan, Sophia Smolders. Deze Felix heeft toen middels het inschakelen van een geestesbezweerder uit het Belgische Gent de geest uit het huis laten verdwijnen.

                                                                                            Foto van de Molenstraat-zijde van juni 1975.

Op 25 februari 1976 werd het pand door het Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk officieel op de lijst rijksmonumenten geplaatst, mede vanwege de vensters met de achtruits draairamen en luiken.

In de navolgende periode werd ondanks deze status toch kunststof kozijnen in het pand aangebracht. Ook verdwenen de karakteristiek geschilderde luiken. De lindebomen voor het huis werden hogerop gesnoeid voor meer licht-inval.

De bewoners, nazaten van Felix Bruijnen, wilden na enige jaren, in 1988, van de lasten van de monumentale status afin verband met moderniseringen. Voor alle wijzigingen moesten zij namelijk een vergunning aanvragen overeenkomstig de Monumentenwet. Men gaf aan dat er scheurvorming en houtrot opgetreden was. Ondanks een ondersteunend advies van de Heldense B&W en gemeenteraad in juni 1988, welke vonden dat belangen van de bewoners voor gaan, lukte dit vooralsnog niet.

In 1993 werd het pand in hoger beroep alsnog verwijderen van de rijksmonumentenlijst in verband met de schade die inmiddels was ontstaan tengevolge van de aardbeving en het vrachtverkeer over de Molenstraat. Men kon daarna een (inpandige) verbouwing mogelijk maken.

Nadat de woning ruim 130 jara bewoond is geweest door de familie Bruijnen, werd deze in 2022 verder verkocht.

Een uitgebreide beschrijving van de achtergronden en de geschiedenis van het pand is te lezen in de Moennik nummer 32 (bladzijde 12 en verder): "t Nieuw Huijs op den Sandberg".

 

 


Laatst bijgewerkt op 26 maart 2026 om 09:10:51